VERSION NÉERLANDAISE - Déjeuner avec les représentants des communautés d'affaires canadiennes et belges

Ce contenu est archivé.


Toespraak ter gelegenheid van een lunch met vertegenwoordigers van de Canadese en Belgische zakenwereld
Brussel, België, woensdag 29 oktober 2014

 

HET GESPROKEN WOORD GELDT

Ik kan geen plek bedenken waar ik vandaag liever zou zijn dan in dit groot paleis, en geen gezelschap waarin ik me liever zou bevinden dan Belgen en Canadezen.

U bent zakenlui—mannen en vrouwen die zich concentreren op het heden: op de aandelenkoers en de nettowinst van vandaag; en op de nabije toekomst: het opdrijven van de resultaten van volgend kwartaal en de verwezenlijking van de strategische doelstellingen van dit jaar.

Ik ben geen zakenman. Als Gouverneur-generaal van Canada en voormalig onderwijsverantwoordelijke, kan ik mij veroorloven—en is het zelfs mijn taak—om na te denken over het verleden en voorbereidingen te treffen voor de toekomst.

Exact zeventig jaar geleden domineerde België de gedachten van de Canadezen en was men op de hoogte van het laatste nieuws uit het Noorden van België: de Duitse verdedigingslinie van de Schelde in België tot Tilburg in Nederland was in stukken uiteengevallen; de strijd had zich omgevormd in een race om de bruggen te bereiken over de Maas in Nederland; divisies van het Canadese Eerste Leger zetten de achtervolging in op de terugtrekkende vijand.

Uit deze regio bleef het heuglijke nieuws de volgende dagen binnenstromen, wanneer Canadese troepen Zeebrugge bevrijdden en zo België ontdeden van de laatste bezettingshaard. Kort daarop stelden Britse en Canadese strijdkrachten een einde aan de Slag om de Schelde, waardoor Antwerpen weer toegang kreeg tot de Noordzee.

Het is goed dat we deze oktoberdag van 70 jaar geleden herdenken, maar we mogen niet vergeten dat onze geschiedenissen meer gemeen hebben dan enkel geweld en strijd. Onze banden zijn eeuwen oud en werden oorspronkelijk gesmeed door belofte en kansen.

Sommigen van de eerste kolonisten, in wat nu Canada heet, waren Belgen. Tijdens de jaren die volgden op de vorming van de Confederatie van Canada, arriveerden duizenden Belgische emigranten, vestigden zich, stichtten gezinnen en gebruikten hun landbouwvaardigheden om onze uitgestrekte, vruchtbare gronden te ontginnen.

Onze twee landen hebben deze menselijke verbondenheid meer recentelijk verstevigd door middel van institutionele en commerciële banden.

Reeds 75 jaar genieten wij productieve diplomatieke relaties die alsmaar verder worden uitgebreid.

We werken samen in talrijke multilaterale organisaties—in de eerste plaats als leden van de NAVO en de Francophonie. Onze beide landen zijn samen in actie gekomen in plaatsen zoals Mali, Libië en Afghanistan.

Onze culturele banden zijn in toenemende mate rijk en divers. Concertpromotoren en festival-organisatoren uit Canada en België zijn regelmatig gastheer voor onze kunstenaars uit de wereld van theater, muziek, cinema, literatuur, visuele kunsten, dans en performance kunst.

En we hebben sterke zakelijke banden gesmeed. België is de zesde grootste investeerder in Canada van alle lidstaten van de Europese Unie, met dagelijks toenemende investeringen in de energiesector, de lucht- en ruimtevaartindustrie, biowetenschappen en andere belangrijke sectoren van het heden en de toekomst.

Ik heb vanmorgen een glimp opgevangen van die toekomst bij IMEC in Leuven. Experts uit vele landen en wetenschappelijke gebieden komen tot nieuwe inzichten en toepassingen op het vlak van nanoelectronica, fotovoltaïca en andere belangrijke branches. Het werk van IMEC, dat in staat is ons leven en de gezondheid van onze wereld te verbeteren, is precies het soort samenwerking dat Belgen en Canadezen nodig hebben.

Wanneer we onze blik verruimen van de wetenschap naar alle sectoren, zien we dat zo’n 50 filialen van Belgische bedrijven zich hebben gevestigd in Canada, en ongeveer hetzelfde aantal Canadese bedrijven heeft hier filialen.

De handel tussen onze landen is divers en wordt elk jaar gevarieerder, van voeding tot chemicaliën, van diamanten tot transportmaterieel.

Onze commerciële banden zullen nog sterker worden wanneer de CETA handelsovereenkomst tussen Canada en de Europese Unie wordt ondertekend en in uitvoering wordt gebracht.

Deze overeenkomst, die de eerste is in haar soort tussen de EU en een G7-land, is een monumentale prestatie en het meest ambitieuze handelsakkoord dat onze beide landen ooit hebben onderhandeld.

Het markeert een nieuw hoofdstuk in de relatie tussen België en Canada—een hoofdstuk dat zeker een nieuwe impuls zal geven aan onze bilaterale relatie.

Het akkoord zendt tevens een sterk signaal de wereld rond dat wij beiden veel belang hechten aan de handelsliberalisatie, marktintegratie, versteviging van welvaart en veiligheid over de Atlantische Oceaan heen.

Canada brengt heel wat mee naar de groeiende handelsrelatie.

Canada’s banken en financiële instellingen worden erkend als de financieel gezondste in ganse de wereld.

We hebben een gediversifieerde economie. We zijn niet enkel gezegend met omvangrijke natuurlijke hulpbronnen, we hebben ook geïnvesteerd in onze mensen en instellingen om een leider te worden in wetenschap en technologie.

We hebben een cultuur van innovatie gecreërd, vanuit het besef dat innovatie een gedeelde verantwoordelijkheid is van onze scholen, onderzoeksgroepen, filantropische stichtingen, alle overheidsniveau’s en van de ganse privé-sector – van de kleinste KMO tot grote sectororganisaties en de grootste multinationals.

We verwelkomen niet alleen buitenlandse investeringen, we hebben ook harde beslissingen genomen, nodig om een bedrijfsomgeving te creëren met lage kosten en lage belastingen, waarin zowel buitenlandse als binnenlandse bedrijven kunnen floreren.

Onze mensen zijn hoogopgeleide, bekwame werkkrachten en onze steden zijn veilige, goed geoliede centra voor investeringen en samenwerking tussen naties.

Ik denk dat we bij het uitdiepen en uitbreiden van onze menselijke, institutionele en commerciële relaties enkele voor de hand liggende lessen kunnen trekken uit de geschiedenis die wij delen.

We moeten de waarden waarvoor onze voorouders hebben gestreden en gezegevierd hoog in het vaandel blijven dragen. We moeten oprecht, vrijgevig en dankbaar blijven tegenover elkaar. En we moeten alsmaar nauwer samenwerken.

Belgen en Canadezen zijn dan ook natuurlijke partners.

We omarmen multiculturalisme thuis en multilateralisme in het buitenland.

Onze bevolkingen spreken vele talen en via het Frans delen we een gemeenschappelijke taal die ons in staat stelt om onze rijke culturen de wereld rond te verspreiden.

En we beschikken over federale bestuursstelsels—wat weergeeft hoeveel waarde we hechten aan diversiteit en compromis.

Het is onze taak om zoveel mogelijk voordeel te halen uit deze kwaliteiten die we delen ten behoeve van onze beide volkeren.

Er wordt in het bijzonder gerekend op jullie, mannen en vrouwen hier vandaag aanwezig, als zakenleiders.

Er wordt op u gerekend om het nieuwe handelsakkoord aan te wenden teneinde de handel en investeringen tussen onze landen op te drijven; en om zo vernieuwende producten, praktijken en processen te ontwikkelen en zinvolle, hoogbetaalde jobs te creëren.

Er wordt op u gerekend om onze toenemende handel te gebruiken als springplank om nieuwe banden te smeden in de gezondheidszorg, de wetenschap en de geavanceerde technologie.

Er wordt op u gerekend om voordeel te putten uit onze gemeenschappelijke Franse taal, om onze samenwerking te verstevigen en uitwisseling op het vlak van onderwijs en kunsten uit te breiden.

Er wordt op u gerekend om meer rechtstreekse contacten te leggen tussen Belgen en Canadezen, en dan vooral tussen onze studenten.

Om mijn aantekeningen rond te maken zeg ik dat wij Belgen en Canadezen een rijke, betekenisvolle geschiedenis hebben van samenwerking—oprecht, vrijgevig, dankbaar—om datgene hoog te houden waarvan we weten dat het juist is.

Zeventig jaar geleden hebben we getoond wat onze partnerschap kon bereiken, welke uitdagingen ze te baas kon. Laat ons hier en nu plechtig beloven dat triomfantelijk partnerschap voort te zetten; het zelfs nog te verstevigen; en het te gebruiken om een meer vredevolle en welvarende toekomst te creëren voor ons beiden.

Dank u.